:focal(1195x398:1196x399)&w=3840&q=75)
‘Heb jij ze nu al op?’ Waarom collega’s zo'n mening hebben als je te snel je vakantiedagen opmaakt
Wie zijn vakantiedagen graag vroeg inzet, herkent het beeld: op wintersport in maart, een citytrip in mei, en ergens eind augustus staat de teller bijna op nul. Terwijl de collega naast je nog twintig dagen heeft ‘en niet weet wat ze ermee moet’. Formeel is er niets vreemds aan. Vakantiedagen zijn er om op te nemen. Toch voelen veel werknemers zich schuldig zodra ze vroeg in het jaar bijna door hun dagen heen zijn. Hoe komt dat?
Afbeelding boven artikel ter illustratie. Bron: Getty Images.
Dat gevoel komt niet uit het niets. Het heeft alles te maken met hoe collega’s naar elkaar kijken en beoordelen. Organisatiepsycholoog Danny Mullenders heeft een heldere verklaring bij Intermediair. 'Als je het evolutionair afpelt, willen we overleven. Vroeger vochten we tegen een leeuw of een olifant. Dat doen we niet meer, maar de sporen in ons brein zijn er nog. We zijn continu alert op sociale bedreiging – op signalen dat we er niet bij horen, niet gezien worden, niet geaccepteerd zijn.'
Die oerreflex vertaalt zich op de werkvloer naar voortdurende sociale vergelijking. Wie staat waar? Wie doet wat? En wie wijkt af? 'Mensen vergelijken zich de hele dag met de ander, vaak onbewust. Zo bepalen we waar we staan binnen een groep.'
Wie vroeg in het jaar veel vakantiedagen opneemt, valt op – simpelweg omdat diegene afwijkt van de norm. Volgens Mullenders zegt dat ook iets over persoonlijkheid. ‘Iemand die zijn dagen snel opneemt, is vaak autonomer ingesteld. Die trekt zijn eigen plan. Terwijl anderen liever binnen bestaande structuren blijven en netjes in de pas meelopen. Dat verschil alleen al kan spanning opleveren.’
Ons automatische brein plakt snel een label
Mullenders herkent daarin het mechanisme dat psycholoog Daniel Kahneman beschrijft: ons automatische brein beoordeelt razendsnel, lang voordat het bewuste brein is aangehaakt. 'We plakken makkelijk een stempel op iemand. Dat geeft overzicht. Dan klopt het weer in ons hoofd.' Wat collega’s zien is zichtbaar gedrag – niet de motivatie erachter. ‘Misschien haalt iemand veel energie uit reizen of heeft hij gewoon behoefte aan afwisseling. Maar collega’s zien vooral: die persoon is alwéér weg.’
Dat oordeel zegt meer over de beoordelaar dan over degene die vrij neemt. Psychoanalyticus Carl Jung beschreef het ooit zo: wat je stoort in een ander, zegt vaak iets over jezelf. Mullenders: ‘Wie geïrriteerd raakt door een collega die zichtbaar geniet van vrije tijd, wil dat misschien zelf ook – maar staat het zichzelf niet toe.’
Onder die reacties ligt volgens Mullenders ook een culturele laag. Nederland kent een sterk arbeidsethos: aanwezig zijn, hard werken en je afspraken nakomen. 'Als iemand daar anders mee omgaat, valt dat sneller op.’
Tegelijkertijd nuanceert hij het beeld dat collega’s bewust veroordelend zijn. ‘Wie nog twintig vakantiedagen over heeft aan het einde van het jaar, kan daar trots op zijn. Maar het hoeft niet altijd een statement te zijn. Soms heeft iemand een druk project gedraaid en kwam vrij nemen er simpelweg niet van. Of heeft iemand minder behoefte om op vakantie te gaan.’
Een verstoord evenwicht
Wat veel mensen niet doorhebben, is dat een opmerking over vakantiedagen iets kan veranderen in de sociale verhouding. ‘Op zo’n moment ontstaat een nieuw sociaal evenwicht,’ zegt Mullenders. ‘Je moet je opeens opnieuw tot elkaar verhouden.’ Dat verklaart waarom een luchtige opmerking als ‘Ben jij alweer vrij?’ zwaarder kan voelen dan bedoeld.
Zijn advies voor werknemers die zich daardoor schuldig voelen: onthoud dat zo’n reactie meestal niet echt over jou gaat. ‘Zoals de Engelsen zeggen: it's not about you. Zo’n opmerking zegt vaak meer over de verhouding van die ander tot werk, vrijheid en verwachtingen.
Onderzoek je eigen patroon
Wat kun je doen als je merkt dat je je schuldig voelt over vrij nemen? Volgens Mullenders begint dat bij zelfonderzoek. 'Vraag jezelf af: wat maakt dat ik me eigenlijk schuldig voel? Sommige mensen zijn gevoeliger voor oordeel of willen graag voldoen aan verwachtingen. Dat is geen zwakte, maar het helpt wel om het te herkennen.'
Daarnaast helpt het om bewust te kijken naar collega's die hetzelfde omgaan met hun vrije tijd. 'Dat werkt sociaal besmettelijk. Je ziet dat jij niet de enige bent.'
Perspectivistische lenigheid
Voor gesprekken met collega's die anders denken, verwijst Mullenders naar een concept van filosoof Lammert Kamphuis: perspectivistische lenigheid. Oftewel: probeer door de ogen van de ander te kijken zonder direct te oordelen.
'Ga de ogenschijnlijk bedreigende situatie aan. Heb het niet alleen over vakantiedagen, maar over wat eronder zit. Waarom doet iemand dit? Wat zegt dat over die persoon? Misschien zit er wel iets waardevols in de aanpak van de ander.’ En waarschijnlijk, zegt Mullenders, levert dat gesprek meer op dan je verwacht. 'Het is een mooie ingang om mensen die anders denken beter te leren kennen.'
Deze artikelen vind je ongetwijfeld ook interessant:
‘Als het ego wint, verliest het team’: zo loodste Gilbert Martina Curaçao voor het eerst naar het WK
Succesvol maar gestrest op werk? Dit is hoe oude pijn onbewust je carrièrekeuzes bepaalt
Nieuwe baan en werksfeer? Zo leert Jonas (35) op voorhand of het bedrijf wel bij hem past
:focal(487x354:488x355)&w=256&q=75)